Meteen naar de content

‘Hier ligt goud te blinken, nu nog oprapen’

De organisatie Euregio Maas-Rijn (EMR) maakt zich al vijftig jaar sterk voor grensoverschrijdende samenwerking in de regio’s Zuid-Limburg, Belgisch Limburg, Aken, Luik en Eupen. Een van de belangrijkste speerpunten op dit moment is de lobby voor de Einstein Telescope. “Als het project ergens een succes kan worden, dan is het in deze Euregio”, zegt directeur Michael Dejozé. “Brede en sterke grensoverstijgende samenwerking is een absolute voorwaarde voor dit miljardenproject en die hebben wij hier.”

De Euregio Maas-Rijn bestaat vijftig jaar. Toch nog even: wat is jullie opdracht?

Michael Dejozé: “Samenwerking over de grenzen heen zou normaal moeten zijn in het verenigde Europa met zijn vrije verkeer van goederen, diensten en mensen. Zeker hier, in dit dichtbevolkte gebied waar de fysieke grenzen al lang vervaagd zijn en waar we zoveel cultuur en geschiedenis delen. De praktijk is echter weerbarstig. Grensarbeiders bijvoorbeeld krijgen te maken met verschillende wet- en regelgeving. Openbaar vervoer is ingewikkeld vanwege verschillende tarieven en betaalmethodes. Duitse diploma’s zijn niet automatisch geldig in Nederland of België, en andersom. Ik kan nog tientallen thema’s benoemen; feit is dat er heel veel obstakels en hindernissen zijn die grensoverschrijdende samenwerking in de weg staan.”

“Als EMR is het onze eerste opdracht om partijen bij elkaar te brengen. Provincies, gemeenten, andere organen, bestuurders en politici. Zij kunnen voorwaarden scheppen om obstakels op te ruimen. Wij zijn de smeerolie, de onafhankelijke partij die niet namens een land opereert maar namens een grensoverstijgende regio. Onze mensen functioneren als de oliemannetjes die keer op keer duidelijk maken dat we als regio samen véél meer zijn dan de som der delen. Ook door projecten te ontwikkelen en nieuwe partnerschappen en netwerken op te bouwen, die iedereen – Euregio en partnerregio’s – een stap verder brengen. Hier ligt goud te blinken, nu nog oprapen.”

Wat hebben jullie zoal bereikt in een halve eeuw?

“De eerste decennia waren er niet zo veel zichtbare resultaten. Het accent lag vooral op culturele uitwisseling en elkaar beter leren kennen. Sinds de jaren 90 wordt onze inzet meer zichtbaar. Ook door het verdwijnen van de grenzen en het begin van het Schengen-gebied. We hebben ons sterk gemaakt voor het euregionaal onderwijs en het leren van elkaars taal. Sindsdien groeit elk jaar het aantal Euregioscholen en Euregioprofielscholen. Een eerste stap in het euregionaal leven en werken van jonge mensen.”

Michael Dejoze. Foto: Elias Walpot Photograpjie

“Werken in de Euregio is ook zo’n thema. Daar zijn mijlpalen bereikt, onder andere door onze lobby voor het stroomlijnen van de fiscale verschillen. Mede daardoor zijn er nu duizenden grenswerkers en het aantal blijft maar groeien. De GrensInfoPunten, die de grenswerkers steunen in verschillende kwesties, zijn talrijk en voorzien in een grote behoefte.”

“Op het gebied van veiligheid hebben we ook mooie stappen gezet. De brandweerkorpsen en politie- en hulpdiensten werken binnen EMRIC (Euregio Maas-Rijn Incidentenbestrijding en Crisisbeheersing) samen. Bij calamiteiten kunnen ze makkelijk de grens over. Ze delen apparatuur en informatie. Een Nederlandse ambulance of een Belgische brandweerwagen mag bijspringen over de grens. Vroeger stuitte dat op juridische complicaties. Bij evenementen zie je politiepatrouilles met Duitse, Belgische en Nederlandse uniformen.”

“Nog een mooi voorbeeld: grensoverschrijdend openbaar vervoer. De Drielandentrein rijdt. Na een zeer intensief proces van jaren. Makkelijk was het niet, ook door de taalbarrière en de technische verschillen. Maar hij rijdt wél en we zijn bijna zover dat iedereen één enkel ticket (het Euregioticket) kan kopen om door de drie landen te rijden. Zo’n project vraagt commitment en financiële bijdragen van talloze partijen. Wij proberen de plooien glad te strijken, te masseren en vooral iedereen te overtuigen van het belang van samenwerking. Dat helpt, zeker weten! Voor ons is de Drielandentrein het bewijs dat grensoverschrijdende samenwerking echt mogelijk is. Een opmaat voor internationaal vervoer in heel Europa zonder last te hebben van grenzen. Dat is toch wat we graag willen.”

Jullie zijn met vier medewerkers actief in het Einstein Telescope-verhaal. Kunnen jullie een rol spelen in de beslissing om de telescoop naar hier te halen?

Michael Dejozé: “Natuurlijk kan de EMR daarin een rol spelen. Achter de schermen hebben wij die al gepakt door te lobbyen en waar mogelijk te overtuigen en te informeren. De Einstein Telescope kan de overtreffende trap worden van grensoverschrijdende samenwerking. Kijk eens wat dit gebied van amper 11.000 vierkante kilometer al te bieden heeft. Honderden kennisinstituten waarvan de nodige met wereldfaam. Uni’s en hogescholen in Luik, Aken, Hasselt, Maastricht, Heerlen met elk een eigen specialisme en met unieke faciliteiten. Alleen door die te combineren ontwikkel je voldoende kracht om dit fantastische project van de grond te tillen.”

“En het mooie is: de samenwerking is er al. Ga luisteren bij de campussen en je hoort de verschillende talen van de onderzoekers, de wetenschappers, de studenten en de ondernemers. België, Nederland en Duitsland hebben honderden miljoenen euro’s uitgetrokken voor de telescoop. Deze regio is het meest geschikt, omdat het al een goed functionerende ecosysteem heeft met talloze vormen van samenwerking. Hier wordt al in 360 graden gedacht, zeg ik vaak.”

“Ik ben optimistisch dat de Einstein Telescope hier gebouwd wordt. Stel je voor wat dat betekent. Duizenden banen, een boost voor het onderwijs, een positie als Europese toptechnologische regio, méér inwoners en toerisme: een nieuwe, samengeleefde toekomst! Als EMR hebben we er vier medewerkers op gezet; Carine van Hove, Marc Genten, Michel Margraff en Jan Schliewert. Met wortels in alle provinciale besturen uit ons werkgebied. En uiteraard zijn onze voorzitter Jos Lantmeeters, opvolger van Emile Roemer, en ondergetekende er volop mee bezig. Het draagvlak is honderd procent. De bouw van de telescoop zou voor de EMR een mooi cadeau zijn op vijftig jaar strijden voor samenwerking over de grenzen heen.”

En als onverhoopt toch de keuze valt op Saksen of Sardinië?

“De kennis die we nu opbouwen is voor tal van industrieën en sectoren cruciaal. Denk aan de cryo- en spiegelsector, engineering, metaal, digitalisering en innovaties die nu op gang komen. We zetten in op digitalisering, op Artificial Intelligence, op samenwerking. Nu al zijn er gesprekken om in onze regio een Gigafactory te bouwen waarmee Europa digitaal zelfstandiger wordt. De plannen krijgen onder meer door het telescoopproject tractie. Dan verloopt ook de glasvezel-backbone door onze regio en er is sprake om waterstofverbindingen op middellange termijn in onze ondergrond te bouwen. Op het terrein van logistiek speelt de regio ook een centrale rol. Deze trein stopt niet meer, grensoverschrijdende samenwerking wordt hier werkelijkheid. Met de Einstein Telescope en alles wat daar aan vast hangt, wacht deze een Europese, grensoverschrijdende toekomst. En het zou natuurlijk het allermooiste zijn als de telescoop hier onder onze neus gebouwd wordt.”

Share this article